Arrestatie

Hoofdstuk 3
00 header image ch3 web

In de zomer van 1942 begonnen de Duitse bezetters steeds grotere aantallen Joden op te pakken. Hen werd gezegd dat ze in Duitsland tewerkgesteld zouden worden.  Er deden echter al geruchten de ronde over de ware bestemming van de transporten, vandaar dat de Nederlanders wantrouwend waren. De families Tal, Levenbach en Reiner voelden het gevaar en zochten naar manieren om zich te beschermen.

Wanneer begonnen in Nederland de transporten naar de vernietigingskampen?

Het eerste transport vertrok op 15 juli 1942 uit doorgangskamp Westerbork in Drenthe. De trein vervoerde 1135 Joodse mannen, vrouwen en kinderen. Eindbestemming was het concentratie- en vernietigingskamp Auschwitz.

Oproep van het Centraal Bureau voor Joodse Emigratie, gedateerd 19 augustus, geadresseerd aan Ida E. van Raalte-Simons
© Collectie Joods Museum, Amsterdam, No. D002526

Het Centraal Bureau voor Joodse Emigratie was door de Duitse bezetters in het leven geroepen. Het bureau gaf de Joodse Raad opdracht de oproepen tot tewerkstelling in Duitsland te versturen.  

De eerste oproepen werden op 5 juli 1942 verstuurd aan voornamelijk Duitse en andere niet-Nederlandse Joden. Anders dan de bezetters beweerden, gingen de transporten in de zomer van 1942 niet naar werkkampen in Duitsland, maar naar het concentratie- en vernietigingskamp Auschwitz. 

Veel Joden stonden wantrouwend tegenover de oproepen en maar enkelen kwamen opdagen bij de verzamelpunten. De Duitse bezetters verhoogden daarop de druk op de Joodse Raad, maar namen ook hun toevlucht tot andere middelen: ze gingen over tot razzia’s of pakten Joden ’s avonds thuis op.    

Ida Estella Mathilda van Raalte-Simons, in 1895 geboren in den Haag, overleefde de Holocaust. Ze overleed in 1987 in den Haag en werd 92 jaar oud.

In de zomer van 1942 begonnen er mensen te verdwijnen. Sommigen kregen een oproep zich te melden om in het Oosten te gaan werken; anderen werden op straat opgepakt. Enkelen lukte het onder te duiken.

Ab
Avraham

Door wie werden de Levenbachs opgepakt?

Annelie, haar broer Joost en haar ouders waren op weg naar huis toen zij door de Nederlandse politie werden opgepakt. Ze waren net afgestapt van het pontje over één van de Amsterdamse grachten.

Hollandsche Schouwburg, Plantage Middenlaan 24, Amsterdam
© Verzetsmuseum Amsterdam, Beeldbank WO2, No. 111325

De Hollandsche Schouwburg was een theatergebouw in Amsterdam dat de bezetters op 20 juli 1942 in gebruik namen als verzamelplaats voor Joden. Hier hielden zij Joodse mannen, vrouwen en kinderen gevangen die aan de oproepen voor transport naar kamp Westerbork of kamp Vught gehoor hadden gegeven. Ook Joden die in de stad waren opgepakt werden hier geïnterneerd. Het theatergebouw was vaak overvol. Sommigen zaten hier vele dagen. Ongeveer 46.000 Joden zijn van hieruit op transport gesteld.

Op een avond stapten we van de pont af en werden we door de Nederlandse politie aangehouden.

Annelie
Annelie

Waarom werden de Levenbachs na hun arrestatie weer vrijgelaten?

Annelie’s vader werkte bij de Joodse Raad. Hierdoor was hij beschermd tegen arrestatie en deportatie. Annelie, haar broer en haar moeder werden ook vrijgelaten.

Persoonsbewijs van Adolf Levenbach, scan in zwartwit
© Privébezit familie Tal

Transcriptie

Handtekening van gerechtigde:
Adolf Levenbach
Gemeente Bloemendaal

Aantekeningen van bevoegd gezag
De houder van dit persoonsbewijs is tot nader order vrijgesteld van tewerkstelling
Amsterdam, 11 oktober 1942.
De bevelhebber van de Sicherheitspolizei en de SD voor de bezette Nederlandse gebieden. Den Haag

Persoonsbewijs
J
De tot het bezit van dit bewijs gerechtigde is verplicht het te allen tijde bij zich te dragen en desgevorderd te vertonen aan iedere opsporingsambtenaar, alsmede aan alle ambtenaren of andere personen door wie zulks ingevolge enig wettelijk voorschrift wordt verlangd.

Geldig gedurende vijf jaar

Misbruik wordt gestraft

De Duitse bezetters stelden dit persoonsbewijs in Nederland verplicht. Het nieuwe identiteitsbewijs, uitgegeven in de lente van 1942, was moeilijker te vervalsen dan de voorgaande versies. 

Later werd op de identiteitsbewijzen van Joden op beide kanten een grote ‘J’ gestempeld. Hierdoor konden de bezetters en de Nederlandse politie Joden er bij controles op straat sneller uitpikken. 
Het rechthoekige stempel in het midden van dit bewijs bevat een uitzonderingsbepaling: Adolf Levenbach was vrijgesteld van arbeidsinzet, wat hem ‘tot nader order’ beschermde tegen arrestatie en deportatie. 

Het nummer op het vrijstellingsstempel werd gebruikt om de authenticiteit en geldigheid van opname in het register van het Centraal Bureau voor Joodse Emigratie te verifiëren.

We bleven in Amsterdam tot begin december 1942, toen we weer werden opgepakt en dit keer wel naar Westerbork werden gestuurd.

Annelie
Annelie

Wat gebeurde er met de familie Reiner?

In november 1942 was Abs tante Eva de eerste van de familie die werd opgepakt, waarna Abs neef Sol moest onderduiken. Ab Reiner en zijn ouders wisten in april 1943 ternauwernood aan arrestatie te ontkomen.

Sol en Eva Kimel, Amsterdam, 1936
© Privébezit familie Reiner

Eind november 1942 werd tante Eva op straat opgepakt.

Ab
Avraham
Opgepakte Joden worden geregistreerd in de garderobe van de Hollandsche Schouwburg, begin 1943
© NIOD, Beeldbank WO2, No. 96764

Nadat de opgepakte Joden naar de Hollandsche Schouwburg waren overgebracht, werden ze geregistreerd door medewerkers van de Joodse Raad. Zowel de garderobe als het podium in de grote zaal werden voor dit doel gebruikt.    

Nadat zij waren geregistreerd moesten de Joden hun huissleutels inleveren. De Duitse bezetters gaven opdracht hun woningen te verzegelen om later ontruimd te worden.

De volgende morgen ging vader naar de Joodse Raad.

Ab
Avraham
06 image ch3 web

Eva Kimel-Goldberg

1893-1943

© Privébezit familie Rinat

Ondanks dat vader beloofd was dat tante Eva in Westerbork zou worden gehouden, was dat niet het geval. Op 18 mei 1943 werd zij naar het vernietigingskamp Sobibor gedeporteerd en direct na aankomst vermoord.

Ab
Avraham
Sol Kimel, Amsterdam, juli 1942
© Privébezit familie Rinat

Door de arrestatie van tante Eva was de kans groot dat neef Sol ook zou worden opgepakt. Een buurman waarschuwde de familie hiervoor. Sol hield zich schuil en dook later onder.

Kort nadat Sol veertien was geworden, moest hij onderduiken. Iemand die hij niet kende begeleidde hem naar Hoogeveen.

Ab
Avraham
Ab voor het huis aan het Daniël Willinkplein 13, Amsterdam, 1942/1943
© Privébezit familie Rinat

Op een avond stonden er Duitse en Nederlandse politieagenten voor de deur die ons kwamen arresteren.

Ab
Avraham

Na deze ervaring besloot vader niet langer te aarzelen en hij besloot dat we onder moesten duiken.

Ab
Avraham

In hoeverre waren de buren zich bewust van de arrestaties?

Op 20 juni 1943 moesten veel Joden zich verzamelen op het plein waaraan de Reiners woonden. Zijzelf waren opgepakt bij een razzia en werden daarna gedeporteerd. Van de razzia bestaan verschillende foto’s.

Razzia op het Daniël Willinkplein (nu Victoriaplein), 20 juni 1943
© NIOD, Beeldbank WO2, No. 96803

Een bewoner aan het Daniël Willinkplein nam deze foto van de razzia op 20 juni 1943. De mensen die op het grasveld en de stoep bijeengedreven werden, waren heimelijk van bovenaf gefotografeerd. Ab en zijn familie waren toen al ondergedoken.

Duitse functionarissen, waaronder medewerkers van het Centraal bureau voor Joodse emigratie, op het Daniël Willinkplein (nu Victorieplein) in Amsterdam, 20 juni 1943, foto: Bart de Kok / Archief Storm SS
NIOD, Beeldbank WO2, No. 96751, CC0

Functionarissen van het Centraal Bureau voor Joodse Emigratie in Amsterdam hadden besloten tot de razzia en waren op 20 juni 1943 ter plekke om het verloop ervan te volgen. Ze zaten in een auto die aan de rand van het Daniël Willinkplein geparkeerd stond. Dr. Werner Schröder, de Gevolmachtigde van de Rijkscommissaris voor Amsterdam, zit naast de chauffeur. Alois Gombault, de assistent van Schröder, zit in het midden op de achterbank.

Deze foto is genomen door de Nederlandse fotograaf Lambertus Jasper de Kok. In 1940 werd hij lid van de NSB en in 1941 begon hij voor de Duitse bezetters te fotograferen. Zijn foto’s laten het perspectief zien van een propagandafotograaf; hij legde gebeurtenissen vast waar andere fotografen geen toegang toe hadden.

Wat gebeurde er met de bezittingen die de opgepakte Joden achter moesten laten?

De Duitse bezetters namen de bezittingen van de Joden in beslag. Ze gaven Nederlandse verhuisbedrijven opdracht om de huizen van de opgepakte Joden leeg te halen. Huisraad en meubels zouden naar Duitsland gestuurd worden.

Vrachtwagens en medewerkers van transportbedrijf A. Puls, Amsterdam, ongedateerd
© NIOD, Beeldbank WO2, No. 96828

In Amsterdam kreeg de Nederlandse ondernemer Abraham Puls, eigenaar van een verhuisbedrijf, opdracht de eigendommen van gedeporteerde of vermiste Joden op te halen. Zijn werkzaamheden werden in de volksmond ‘pulsen’ genoemd: het leeghalen en leegroven van Joodse woningen.

Omdat de huishoudelijke artikelen en meubels naar Duitsland zouden worden gestuurd, werden alle goederen zorgvuldig vastgelegd. In de praktijk werd er echter veel achterovergedrukt – door buren, voorbijgangers en werknemers van Puls en andere bedrijven. Veel goederen werden gestolen en door Nederlandse handelaren op de zwarte markt gekocht.

Het laatste stadium van de beroving bestond uit het leeghalen van de huizen van de gedeporteerde Joden.

Chanan
Chanan

Hoe reageerde de familie Tal op de massale arrestaties?

Vader Sander en moeder Fré wisten dat hun werk voor de Joodse Raad tijdelijk voorkwam dat ook zij zouden worden opgepakt. Tegelijkertijd probeerden zij toestemming te krijgen om naar het Britse mandaatgebied Palestina te emigreren.

Bericht van het Nederlandse Rode Kruis, afdeling Amsterdam, over een telegram dat Jules Gerzon had verstuurd aan Fré’s broer, Jaakov (Jacques) Vaz Dias, in Haifa
© Privébezit familie Tal

In juni 1943 namen Sander en Fré Tal contact op met Fré’s broer, die in Palestina woonde. Zij hoopten zich in dit Britse mandaatgebied te mogen vestigen. Joden die in afwachting of in het bezit waren van een ‘Palestina-certificaat’ werden voorlopig door de Duitsers met rust gelaten.   

Op 10 juni 1943 liet het Nederlandse Rode Kruis de familie Tal weten dat Jaakov (Jacques) Vaz Dias een telegram had ontvangen waarin hem werd gevraagd voor de Tals te bemiddelen. 
Dit telegram was slechts één van de vele stappen die er uiteindelijk toe leidden dat de Tals de certificaten zouden ontvangen.

Hoe wisten we te ontkomen?

Chanan
Chanan

Hoe bereidden de Tals zich voor op hun arrestatie?

De familie Tal bracht hun bagage in orde voor het geval dat ook zij werden opgepakt. Iedereen had een gepakte rugzak klaarstaan.

De rugzak van Fré Tal – de moeder van Chanan en No’omi – waarmee ze in 1945 terugkeerde naar Amsterdam
© Privébezit familie Tal

We wisten dat het elk moment ook ons kon overkomen (…) dat ze zouden komen om ons op te pakken.

Noomi
No'omi

Waarom werd de familie Tal eind september 1943 opgepakt?

Op 29 september 1943 werden de leden van de Joodse Raad in Amsterdam opgepakt, samen met hun families. Ook de familie Tal, onder wie ook grootmoeder Netta en hun Duitse ‘pleegkind’ Marion Amster, werden weggevoerd.

Joodse gezinnen bij het sportcomplex op het Olympiaplein in Amsterdam, 20 juni 1943
NIOD, Beeldbank WO2, No. 96771

Er zijn geen foto’s van de laatste razzia waarbij de familie Tal werd opgepakt, samen met andere leden van de Joodse Raad. Chanan koos deze foto om een indruk te geven van de razzia.  
Een Nederlandse fotograaf nam deze foto voor de Duitse bezetters. De foto werd genomen bij het sportcomplex op het Olympiaplein in Amsterdam-Zuid. Joden uit de buurt moesten zich hier op 20 juni 1943 verzamelen.

Het gebeurde op oudejaarsavond 5704, oftewel 29 september 1943: het huis stond vol Nederlandse politieagenten en Duitse soldaten. Ze waren gekomen om ons op te pakken.

Noomi
No'omi

Nederlandse agenten voerden ons als misdadigers naar het dichtstbijzijnde politiebureau. Vervolgens werden we in een vrachtwagen naar de trein gereden die ons naar doorgangskamp Westerbork bracht.

Chanan
Chanan