Leven in Israël

Hoofdstuk 9
00 header image ch9 web

Na het einde van de Tweede Wereldoorlog keerden de vier tieners terug naar Amsterdam en begonnen zij een nieuw leven. Allemaal waren ze actief in de zionistische jeugdbeweging She’ar Yushuv en allemaal waren ze geïnteresseerd in de politieke ontwikkelingen in het Britse mandaatgebied Palestina. De ervaring van de Holocaust had hun verlangen versterkt om daarnaartoe te emigreren. Met de stichting van de staat Israël in mei 1948 werd dit mogelijk, en in de jaren 1950 emigreerden zij.

Wanneer emigreerde Chanan naar Israël?

In 1950 voltooide Chanan zijn technische opleiding en monsterde hij aan als monteur op een vissersboot. De boot voer via de Middellandse Zee naar Israël. Na een tocht van drie weken kwam hij aan in de kibboets Palmachim.

De vissersboot waarop Chanan naar Israël voer
© Privébezit familie Tal

Op deze manier emigreerde Chanan naar Israël. Het avontuur werd nog voortgezet nadat hij daar aankwam en een jaar als visser op de boot werkte.

Chanan aan boord van de vissersboot, 1950/1951
© Privébezit familie Tal
Chanan (links) aan het werk als visser, 1950/1951
© Privébezit familie Tal

In de winter van 1952 ging Chanan in dienst. Hij diende bij de technische afdeling van de luchtmacht van de IDF (Israel Defence Forces) en zwaaide af als officier.

Chanan tijdens zijn militaire dienst bij de IDF
© Privébezit familie Tal
Chanan als luchtmachtofficier
© Privébezit familie Tal

Nadat in 1954 zijn dienstplicht erop zat, keerde Chanan terug naar Nederland om aan de Technische Universiteit Delft werktuigbouwkunde te gaan studeren. In deze periode ontmoette hij Annelie weer, en in 1956 trouwden zij.

Huwelijksfoto van Chanan en Annelie, 1956
© Privébezit familie Tal

In 1958 werd in Nederland hun eerste zoon Elisha geboren.

In de winter van 1959 emigreerde het gezin, samen met No’omi, Ab en hun kinderen, naar Israël. Het besluit van Chanan en Annelie om zich in de woestijnstad Be’er Sheva te vestigen, kwam voort uit de wens om de ontwikkeling van de Negev-woestijn te ondersteunen.

 

 

Van links naar rechts: No’omi’s zoon Choni met zijn oom Chanan en zijn neef Elisha, Rehovot, 1960
© Privébezit familie Tal

Chanan en zijn familieleden gingen vaak naar Rehovot, waar No’omi en Ab en hun kinderen woonden. Deze foto van Chanan dateert uit de zomer van 1960. No’omi’s zoon Choni zit op zijn linkerschouder, zijn zoon Elisha (met hoedje) zit op zijn rechterschouder.

Makhteshim Darom-fabriek voor de productie van gewasbeschermingsmiddelen
Uit het privéarchief van Chanan Tal. Originele herkomst onbekend

Chanan werkte als ingenieur in de opkomende chemische industrie in de Negev-woestijn. Tot aan zijn pensioen bleef hij betrokken bij de ontwikkeling van deze industrietak.

Het gezin van Chanan en Annelie breidde zich uit: in 1960 werd hun zoon Micha geboren, en in 1965 kwam hun dochter Leora ter wereld.

De familie Tal in 1974
© Privébezit familie Tal

Deze foto werd in 1974 genomen voor hun huis in Beër Sjeva. Van links naar rechts: Elisha, Micha, Chanan, Leora en Annelie.


Door de jaren heen besteedde Chanan een groot deel van zijn tijd aan sociale activiteiten. Meer dan vijftig jaar was hij betrokken bij Kfar Rafael, een woon- en werkgemeenschap voor mensen met een beperking.

Omdat hij zich zorgen maakte over het vervagen van zijn herinneringen, keerde Chanan eind jaren 1960 zestig terug naar Bergen-Belsen. Hij zocht er bevestiging van wat hij zich nog kon herinneren van zijn gevangenschap daar. Rondlopend over het voormalige kampterrein zag hij eerst geen zichtbare sporen van wat daar ooit was geweest. Maar plotseling trapte hij op wat een oude schoenzool bleek te zijn – een stille getuige van wat daar was gebeurd.

Overblijfselen van schoenen op het voormalige kampterrein, Bergen-Belsen, 31 mei 1989
© Gedenkstätte Bergen-Belsen, nr. 9514

In 1992 bezochten Chanan en No’omi de plaats waar hun vader in april 1945 was begraven, een massagraf in het oosten van Duitsland.

Chanan bij het massagraf waar zijn vader was begraven, Langennaundorf, 2011
© Privébezit familie Tal

In de hoop zijn bezoek betekenis te geven, besloot Chanan de geschiedenis van de familie Tal te gaan onderzoeken.

Rayz Beschraybung 1719-1724, Abraham Levi Ben Menahem Tall, 1752
Allard Pierson Depot, Bibliotheca Rosenthaliana, Universiteit van Amsterdam, rechtenvrij

Transcriptie

Beschrijving door Abraham Levi.
Door Duitsland en Bohemen, Moravië, Hongarije, Stiermarken, Oostenrijk, Tirol, Italië, Friuli, Lombardije, de Marken, Toscane, Bologna
De Jodenbreestraat in Amsterdam, waar de familie Tal van 1763 tot 1846 een huis bezat. Tekening van Gerrit Lamberts, 1818
Stadsarchief Amsterdam / Collectie Koninklijk Oudheidkundig Genootschap, nr. KOG-AA-2-16-298, rechtenvrij

Wat is de oorsprong van de familienaam, waar kwam de familie vandaan en wanneer vestigde ze zich in Amsterdam? Deze vragen leidden tot een gedetailleerd onderzoek dat zo’n driehonderd jaar terugging tot het begin van de achttiende eeuw. Chanan bestudeerde ook de Joodse gemeenschap in Amsterdam in de periode die aan de Holocaust voorafging, en de ervaringen van zijn familie tijdens de Holocaust. Hij schreef, redigeerde en vertaalde verscheidene boeken over deze onderwerpen. 

Chanan geeft een lezing bij de Public Defender’s Office in Tel Aviv, 2018
© Privébezit familie Tal

Chanan gaf veel lezingen over wat hij tijdens de Holocaust had meegemaakt. Elke lezing besloot hij met zijn belangrijkste boodschap.

Ik wil er tot slot nog iets aan toevoegen. Wat heb ik nu geleerd van alles wat ik heb meegemaakt? Wij die op de meest extreme manier discriminatie en racisme hebben ervaren, moeten de mensenrechten beschermen en anderen respecteren, zelfs als zij vreemden zijn en zelfs als zij tegenstanders zijn.

Chanan
Chanan
Chanan 2019
© Privébezit familie Tal

Chanan leidde tot aan zijn overlijden op 24 januari 2021 een actief leven. Hij liet drie kinderen, twaalf kleinkinderen en achttien achterkleinkinderen achter.

Hoe kwam Annelie in Israël terecht?

Na haar eindexamen van de middelbare school trok Annelie samen met haar broer Joost zes maanden rond door de Verenigde Staten. Bij haar terugkeer in de zomer van 1950 ontmoette ze een groep Amerikaans-Joodse pioniers die naar Israël emigreerden. Ze besloot met deze groep mee te gaan.

Annelie (tweede rij, tweede van links) met haar klasgenoten in Haifa, 1951
© Privébezit familie Tal

Na haar aankomst in Israël bracht ze negen maanden door met de pioniers uit Amerika in de kibboets Geva. In 1951 verhuisde ze naar Haifa, waar een vriend van haar studeerde die eveneens de Holocaust had overleefd. Ze volgde hier een verpleegstersopleiding.

Na bijna een jaar Israël bracht Annelie een bezoek aan Nederland, maar ze kon het niet opbrengen om alleen naar Israël terug te keren. Ze werd gekweld door pijnlijke herinneringen aan de oorlogstijd, verdriet over het verlies van haar ouders en zorgen over de toekomst.

Annelie in Nederland, 1952/1953
© Privébezit familie Tal

Ze volgde een opleiding tot medisch laborant en ging in therapie om haar traumatische ervaringen te verwerken.

Annelie en Chanan trouwden in de zomer van 1956. Ze hadden elkaar in de kampen ontmoet en later in de zionistische jeugdbeweging. Ze waren innig met elkaar verbonden door hun oorlogservaringen en begrepen elkaar goed.

Huwelijksfoto van Chanan en Annelie, Amsterdam, 1956
© Privébezit familie Tal

In 1958 werd hun oudste zoon Elisha geboren. In de winter van 1959 emigreerden Chanan en Annelie naar Israël en vestigden zich in Beër Sjeva. Annelie ging werken in de gezondheidszorg en behandelde vooral bedoeïenen die in hun streek leefden.

Annelie en Elisha bij een bedoeïenenfamilie in de Negev-woestijn, jaren 1960
© Privébezit familie Tal

De foto toont een bedoeïenenfamilie voor hun tent, tezamen met zorgmedewerkers. In het midden staan Annelie en Elisha.

Het gezin breidde zich uit; na Elisha kwam hun zoon Micha ter wereld, en later werd hun dochter Leora geboren. In 1966 verhuisde de familie Tal naar Nederland, waar zij vijf jaar in Den Haag woonde. In 1971 keerde het gezin terug naar Israël.

De familie Tal met vakantie in Noorwegen, 1970. Van links naar rechts: Elisha, Micha, Annelie en Leora
© Privébezit familie Tal
De familie Tal met vakantie in Noorwegen, 1970. Van links naar rechts: Micha, Annelie, Elisha en Leora
© Privébezit familie Tal
De familie Tal in Nederland, 1970/1971. Van links naar rechts: Elisha, Leora, Annelie en Micha
© Privébezit familie Tal

Terug in Israël werkte Annelie in het laboratorium van het Soroka Medisch Centrum in Beër Sjeva. Ze analyseerde chromosomen op genetische variaties.

Annelie aan het werk, jaren 1970
© Privébezit familie Tal

In de loop der jaren droegen het leven van alledag, de uitbreiding van de familie met kleinkinderen en achterkleinkinderen, en de vele vrienden eraan bij de pijn uit het verleden te verdoven.

De gehele familie bijeen op Annelie’s vijfenzeventigste verjaardag, juli 2005
© Privébezit familie Tal

Annelie overleed op 25 december 2015 op vijfentachtigjarige leeftijd. Ze liet drie kinderen achter, twaalf kleinkinderen en achttien achterkleinkinderen.

Waarom emigreerde Ab eind jaren 1950 naar Israël?

Als tiener al wist Ab dat hij ooit in Israël zou gaan wonen. Hij maakte zijn school af, ging studeren en stichtte een gezin. Nadat hij in 1958 was gepromoveerd in de natuurkunde kreeg hij in Israël een baan als onderzoeker.

Ab bij de zionistische jeugdbeweging, Veluwe, 1952
© Privébezit familie Rinat

In september 1945 gingen we weer naar school. Alle drie – Marco, Sol en ik - bezochten we een openbare middelbare school.

Ab
Avraham

Tijdens bijeenkomsten van She’ar Yashuv, de Joodse jongerenvereniging die vlak na de oorlog was opgericht, maakte ik veel vrienden van wie de meesten later naar Israël emigreerden.

Ab
Avraham
Ab en No‘omi, Amsterdam, 1949
© Privébezit familie Rinat

Op de dag van de inhuldigung van Juliana als nieuwe koningin van Nederland, zat ik in de buurt van No’omi op het dak van een gebouw aan de rand van Amsterdam… om naar vuurwerk te kijken… het was liefde op het eerste gezicht!

Ab
Avraham
Ab (links) en Sol (rechts) in Zwitserland, 1950
© Privébezit familie Rinat

In de zomer van 1944 had onze moeder beloofd dat als we de oorlog in goede gezondheid zouden overleven we met vakantie naar Zwitserland gingen.

Ab
Avraham
Huwelijksplechtigheid van No’omi en Ab in de synagoge, Amsterdam, september 1952
© Privébezit familie Rinat

No’omi en ik trouwden in 1952, en een jaar later werd onze oudste zoon Amos geboren.

Ab
Avraham
Elyakim (links) en Amos (rechts), 1957
© Privébezit familie Rinat

Toen Amos drieënhalf was werd zijn broertje Elyakim geboren, en twee jaar later kwam Choni, ook een jongen, ter wereld.

Inmiddels was mij een betrekking aangeboden op het Weizmann Institute of Science, precies wat ik wilde. In februari 1959 emigreerden we naar Israël.

Ab
Avraham
Ab Rinat op het Weizmann Institute of Science, Rehovot, jaren 1960
© Privébezit familie Rinat

"Op het instituut kon ik volledig mijn eigen gang gaan en onderzoek doen op het gebied waar ik belangstelling voor had. Ook gaf ik lezingen."

Choni (linksboven), Amos (linksonder), Ariella (midden) en Alyakim (rechtsonder), 1964
© Privébezit familie Rinat

In de zomer van 1963 werd Ariella, ons prinsesje, geboren. Toen ze één jaar oud was gingen we voor een sabbatical naar het MIT (Massachusetts Institute of Technology) in Boston.

Ab
Avraham
Dalit en Ariella (bovenaan links en rechts, Ro (zus van Sander, middelste rij, links), Ab en No’omi (middelste rij, rechts), Amos, Choni en Elyakim (onderaan van links naar rechts), Antwerpen, 1973
© Privébezit familie Rinat

Door de jaren heen hielden we contact met Jo van der Helm en telkens als we in Nederland waren brachten we haar een bezoek.

Ab
Avraham
Ab in 2005
© Privébezit familie Rinat

De kinderen zijn opgegroeid en hebben allemaal zelf een gezin gesticht. We hebben een hechte band met elkaar.

 

Ab overleed op 21 september 2025 en werd zesennegentig jaar.

Waarom droomde No’omi ervan naar Israël te emigreren?

No’omi wilde na de Holocaust een nieuw leven beginnen en een betere samenleving opbouwen. In de zionistische jeugdvereniging She’ar Yashuv vond ze gelijkgestemden. Nadat ze in Nederland een gezin had gesticht, emigreerde ze in 1959 naar Israël.

Marion (links), Chanan en No’omi, Amsterdam, 1945/1946
© Privébezit familie Tal

In september 1945 ging ik weer terug naar school; het was een montessorischool waar ik in mijn eigen tempo kon leren en mijn achterstand kon inhalen.

Noomi
No'omi
No’omi en Ab na de huwelijksplechtigheid op het gemeentehuis van Amsterdam, 1952
© Privébezit familie Rinat

Ab en ik ontmoetten elkaar in 1948 en we trouwden in 1952.

Noomi
No'omi
Amos en No’omi, Amsterdam, 1953
© Privébezit familie Rinat

"In datzelfde jaar – in 1952 – werd onze oudste zoon Amos geboren. In 1956 en 1958 kregen we nog twee zonen, Alyakim en Choni. Nadat we naar Israël waren geëmigreerd, kwamen in 1963 en 1966 onze twee dochters Ariella en Dalit ter wereld."

In Bergen-Belsen heb ik gezien welke invloed extreme omstandigheden op iemand kunnen uitoefenen.

Noomi
No'omi

Dit leidde tot mijn besluit om psychologie te gaan studeren. Ik heb lang over die studie gedaan.

Noomi
No'omi
Amos en No’omi, 1973
© Privébezit familie Rinat

"Mijn laatste tentamen voor mijn doctoraalexamen deed ik toen Amos toelatingsexamen voor de universiteit deed! Ik ging aan de slag als psycholoog op de dag dat Dalit naar de eerste klas ging!"

Ik werkte op een dagverblijf voor autistische kinderen en in een kinderziekenhuis.

Noomi
No'omi
No’omi reading in her free time, Ein Gev Holiday Resort, 2015
© Privébezit familie Rinat

Emigreren naar Israël was als een droom die in vervulling ging. Een naïeve droom dat ‘alles nu achter de rug is‘ en er een nieuw begin zal zijn, dat van nu af aan alles beter zou zijn.

Noomi
No'omi
Ab (links zittend), No’omi en hun dochter Dalit (staand), Rohovot, vóór 2023
© Privébezit familie Rinat

Transcriptie

Het is goed om voor ons land te protesteren. (poster voorgrond)
Geen democratie, geen academie (poster achtergrond)

Al tientallen jaren zijn de families Tal en Rinat betrokken bij de vredesbeweging in Israël en streven zij naar verzoening met de Palestijnen. Zij hechten veel waarde aan een democratische samenleving.

De slogan ‘Het is goed om voor ons land te protesteren’ is een echo van een andere bekende leus in Israël: ‘Het is goed om voor ons land te sterven.’ 

De leus ‘Geen democratie, geen academie’ betekent dat alleen in een democratische samenleving in vrijheid goed onderwijs en onderzoek kan plaatsvinden.

Dat geldt ook vandaag nog steeds. Israël is het land waar ik wil wonen, dat is niet veranderd. Maar dit land is enorm gecompliceerd en problematisch, en stelt onze waarden op de proef.

Noomi
No'omi
Rouwende vrouw, sculptuur van No’omi Rinat, 2010
© Privébezit familie Rinat

Ik geniet van mijn vrije tijd, breng tijd door met mijn kinderen en kleinkinderen, lees, beeldhouw en teken, iets wat me altijd heeft aangetrokken; het geeft me veel plezier.

Noomi
No'omi
De families Tal en Rinat, Eshta’ol-bos bij Bet Shemesh, Israël, 2004
© Privébezit familie Rinat

"Behalve Elyakim, die in Californië woont en ons geregeld bezoekt, wonen al onze kinderen in Israël. We hebben een heel goede band met elkaar; we genieten zeer van onze kinderen, kleinkinderen en achterkleinkinderen."